Leergang suïcidepreventie voor gemeenten
Waarom gemeenten nu aan zet zijn

Mensen met mentale problemen kloppen niet als eerste bij de GGZ aan. Vaker bij de huisarts, de sociaal werker, de schuldhulpverlener of iemand in de wijk. Om die signalen bij elkaar te brengen, moeten gemeenten een lokaal netwerk opzetten. Sinds 1 januari 2026 is dat geen vrijblijvend idee meer, maar een wettelijke taak: de Wet integrale suïcidepreventie is onderdeel geworden van de Wet publieke gezondheid. Beleidsmedewerkers en projectleiders staan voor de opgave om dat concreet te maken.

Een leergang die praktijk en plan combineert

Het Ondersteuningsprogramma Wet integrale suïcidepreventie vroeg EHdK om een leergang te ontwikkelen die gemeenten daadwerkelijk helpt bij hun nieuwe wettelijke taak. Dat deed EHdK samen met 113 Zelfmoordpreventie, de VNG en GGD GHOR. Beleidsmedewerkers en projectleiders uit verschillende regio’s komen samen, wisselen ervaringen uit en werken aan hun eigen beleidsplan en actienetwerk. De leergang combineert tijd om zelf te schrijven met tijd om elkaar scherp te houden op de voortgang.

Van cijfers naar concreet plan

Deelnemers gaan naar huis met inzicht in de eigen regionale cijfers en risicogroepen, kennis van wat elders werkt, een concept beleidsplan met actieplan, en een landelijk netwerk van collega’s waarmee ze samen bouwen aan een bredere beweging rond suïcidepreventie.

“60% van de suïcides in Nederland vindt plaats onder mensen die niet in behandeling zijn bij de GGZ. Mogelijk hebben zij wel contact met mensen in de wijk, zoals de wijkverpleegkundige, een politieagent of iemand van de gemeente. Dit vraagt om regionale aandacht voor het thema.” - Deelnemer Leergang Regionale Aanpak Suïcidepreventie